Bosman, Matthijs / Choreografie van pure armoede … en trots / 2015

Assendorp, Leo Majorlaan

Het kunstwerk ‘Choreografie van pure armoede … en trots’ vertelt het verhaal van de werklozen in de crisisjaren (begin twintigste eeuw) en het zware werk dat zij moesten uitvoeren voor een hongerloon.

Beeldend kunstenaar Matthijs Bosman legde de harde en roemloze arbeid vast in een monumentaal beeld in dezelfde grond en op dezelfde plek als waar het werk destijds werd verricht. In het talud van het fietspad dat leidt naar het tunneltje onder de Leo Majorlaan is een betonwand van 200 vierkante meter aangelegd. In het beton modelleerde de kunstenaar voetstappen en sporen van kruiwagens.

Het kunstwerk gaat naadloos over in het talud en vormt een sober monument dat herinnert aan een donkere periode uit de geschiedenis van Zwolle, Overijssel en Nederland.

Het kunstwerk van Matthijs Bosman (Eindhoven, 1976) werd in april 2015 onthuld als laatste in een reeks van 15 kunsNetwerken in de openbare ruimte die binnen het kader van het project ‘Canonkunst’ zijn gerealiseerd.

Lokale geschiedenis

Dit project is uitgevoerd onder auspiciën van Kunstenlab Deventer in samenwerking met de IJsselacademie. Het omvat kunstwerken die op markante plekken in Overijssel zijn geplaatst. Deze plekken ontlenen hun bijzondere betekenis aan de lokale geschiedenis.

De provincie Overijssel financierde de totstandkoming van de kunstwerken en heeft die vervolgens aangeboden aan de gemeenten waar de diverse beelden staan. De gemeenten hebben de kunstwerken in eigendom gekregen en zijn verantwoordelijk voor het beheer. Zwolle kreeg als laatste gemeente in de reeks het beeld van Matthijs Bosman aangeboden. Daarmee werd de serie Canonkunstwerken voltooid en zijn tot dan toe onzichtbaar gebleven aspecten van de Overijsselse geschiedenis blijvend zichtbaar gemaakt.

Werkverschaffing

De titel ‘Choreografie van pure armoede… en trots’ benadrukt dat de zware periode van werkverschaffing de arbeiders niet klein gekregen heeft en hun trots niet heeft gebroken, ondanks de mensonterende arbeidsomstandigheden. Het kunstwerk staat niet alleen stil bij de ‘grote crisis’ maar is ook een eerbetoon aan degenen die letterlijk en figuurlijk door de modder gingen om infrastructurele werken te voltooien. Het openbaart en vereeuwigt de fysieke sporen die door de arbeiders zijn nagelaten in de zompige Zwolse bodem.

De opdracht voor de kunsttoepassing in de openbare ruimte viel samen met de reconstructie van de fiets- en wandelzone die de dierenweide en kinderspeelplaats aan de Leo Majorlaan verbindt met Doepark Nooterhof.