Pessink, Jo / Golven / 1978

Aa-landen, Dobbe/ Winkelcentrum

Van 1963 – 1989 was Pessink docent monumentale vormgeving aan kunstacademie AKI in Enschede. Als autonoom kunstenaar vestigde hij niet alleen de aandacht op zich met ruimtelijk werk, maar vooral ook als lithograaf. Hij was een reiziger. Niet alleen fysiek overbrugde hij grote afstanden, ook in zijn kunst ondernam hij avontuurlijk zwerftochten.

Waarnemingen en ervaringen uit verschillende landen en culturen fungeerden als inspiratiebron. Zijn steendrukken kregen veelzeggende titels: Denken aan China of Siberisch dagboek. Ook de veel voorkomende schrifttekens verwijzen naar andere culturen en slaan een brug tussen kunst, architectuur, wetenschap, archeologie en literatuur.

Verbondenheid

Het vierdelige object dat hij ontwierp voor het kloppende hart van Aa-landen is uitgevoerd in dekplaten van roestvrij staal die zijn aangebracht op een basis van betonelementen. De geometrische vormen verwijzen naar een snoer dat verbindingen tot stand brengt.

De schakels van de ketting symboliseren niet alleen verbondenheid maar laten ook een golvende beweging zien, die veroorzaakt wordt door de verschillende hoogtes van de geschakelde elementen en door de glooiende lijnvoering. De vormen die oprijzen vanuit het gras beschrijven een cirkelbeweging die niet wordt afgerond maar afgebroken.

Onafhankelijke geest

Vooropgezette ideeën over kunst had Pessink niet. Hij legde de nadruk op dingen die hem frappeerden en manifesteerde zich als een mate­riedenker voor wie het verschil tussen autonome grafiek en monumentale opdrachten slechts een kwestie van maat en materiaal was. Hij was ervan overtuigd dat een opdrachtsituatie niet tot minder authentieke resultaten hoefde te leiden en werkte aan een samenhangend oeuvre dat zijn gelijk moest bewijzen.

In december 1998 werd in de Bergkerk in zijn woonplaats Deventer de eerste retrospectieve tentoonstelling gewijd aan het werk van Jo Pessink (geb. 1928) die nog geen twee maanden daarvoor plotseling overleed. De expositie ‘Sporen’ kreeg daardoor onbedoeld het karakter van een postuum eerbetoon.

Vooral in Overijssel heeft de kunstenaar artistieke sporen nagelaten die getuigen van een onafhankelijke geest en een oorspronkelijk denker.