Leeser, Titus / Monument voor gevallenen 40-45 / 1950

Binnenstad, Ter Pelkwijkpark

Minstens even belangrijk als de rol en de positie van het beeld zijn de symboliek en de betekenis ervan. Titus Jules Gerard Leeser (Keulen, 1903 – Zwolle, 1996) verbeeldde een knielende jongeman die met waakzame blik, alert en onverschrokken de omgeving observeert en controleert.

Het is opmerkelijk dat juist in een monument voor gevallenen alle aandacht gefocust is op een fier oprijzende gestalte. De hoop die daaruit spreekt, is ook terug te vinden in andere oorlogsmonumenten die dezelfde beeldhouwer in de periode 1947 – 1954 onder meer voor Elburg, Meppel, Vlissingen, Markelo en Blandford (GB) maakte.

Vallen en opstaan

Vallen en opstaan zijn in de optiek van Leeser twee kanten van dezelfde medaille. In het voetstuk van het oorlogsmonument in Zwolle (dat hij in samenwerking met architect ir. J. Albarda ontwierp) zijn niet voor niets de woorden Aan hen die vielen gebeiteld.

Het beeld is ruim twee meter hoog en er bestaat geen tweede exemplaar van. Het is niet verwonderlijk dat Leeser veel monumentale opdrachten uitvoerde.

Vrije figuratie

De kunstenaar aan wie in 1950 de prijs voor de beeldhouwkunst van Stichting Kunstenaarsverzet werd uitgereikt, weet wat het betekent om kunst dienstbaar te maken aan onderwerp, doel en plaats van bestemming.

In zijn beeldhouwkunst huldigde hij de principes van de vrije figuratie. Hij modelleerde mens- en dierfiguren en portretten met grote vaardigheid en slaagde er steeds opnieuw in om dynamiek en bewegingsdimensie te garanderen.