Maters, Bas / De Lantaarn / 1994

Kamperpoort, Rieteweg

Bas Maters studeerde aan de kunstacademie in zijn geboorteplaats Arnhem. Na zijn studie richtte hij met vriend en collega Jan Hein Daniëls een adviesbureau voor milieuarchitectuur op. Daarmee was het duo zijn tijd ver vooruit.

Na vier jaar werd de samenwerking beëindigd en ging Maters lesgeven aan de academie waar hij voorheen ook zelf studeerde. Daarnaast manifesteerde hij zich als een beeldend kunstenaar met een sterke voorkeur voor het realiseren van onvervalste blikvangers.

Bakens en wegwijzers

Tijdens zijn artistieke carrière heeft Maters tot nu toe veel en vruchtbaar samengewerkt met stedenbouwkundigen en architecten. Zijn beelden zijn niet louter bedoeld als decoratie of aankleding of het visueel opleuken van de (openbare) ruimte. Ze fungeren als bakens en wegwijzers, geven een denkrichting aan en sporen het publiek aan tot associëren.

Onder meer in Scheveningen, Den Haag en Arnhem verrezen eyecatchers die een visuele relatie aangaan met de gebouwen in de omgeving (variërend van kantoren tot hotelaccommodatie en expeditieknooppunt) waar ze ‘bij horen’.

Knikkende knieën

De stoel die voor de IJsselhallen staat, gedraagt zich als een autonoom en onafhankelijk beeld. De geknikte knieën geven het voorwerp iets menselijks of dierlijks. De verwijzing naar de koeien en paarden die vroeger op vrijdagen tijdens de veemarkten in de IJsselhallen werden verhandeld, ligt voor de hand.

Maar terloops verwijst Maters ook naar het Indonesische eiland Bali waar de godheid wordt uitgebeeld als een lege stoel.