Toorn, Joost van den / Vogelman / 1999

Zwolle-Zuid, Oldenelerpark

De Vogelman die is neergestreken in het stadsdeelpark van Oldenelerbroek refereert aan het Japanse animisme, waar vogelmannen natuurkrachten belichamen en als beschermers van het woud worden gezien.

In die hoedanigheid zijn ze de schrik van elke houthakker. Waakzaamheid is dus geboden, want vogelmannen laten niet met zich spotten. Die zelfverzekerde houding straalt ook de alerte vogelman van roestvrij staal in het Oldenelerpark uit.

Overzicht

Vanaf zijn veilige en strategische positie in de vijver behoudt hij het overzicht over de omgeving en heeft hij alles onder controle. In 1990 vervaardigde Joost van den Toorn een beeld voor de statenzaal van het Overijs­selse pro­vincie­huis.

De kunstenaar wordt algemeen beschouwd als verfrissende exponent van het nieuwe sculpturale denken dat zich in de jaren tachtig ontwikkelde. In zijn vinding­rijke en oorspronkelijke beelden rekent hij af met de sober­heid en het minimalisme dat de beeldhouwkunst in de voorgaan­de decennia beheerste. Hij wordt vaak in één adem genoemd met Alexander Schabracq, Peer Veneman en Henk Visch: generatiegenoten met wie hij zijn hang naar dubbelzinnige, grillige, vrolijke, bizarre of ongrijpbare beelden deelt.

Figuratie

Aan­vankelijk concentreerde hij zich vooral op kwetsbare mixed media. In een volgende fase kregen zijn beel­den een solide en duurzaam karakter door de uitvoering in brons. Het gebruik van gekleurd materiaal verdween naar de achtergrond, maar de eigenzinnige figuratie en de behoefte om verwarring te zaaien en de kijker te prikke­len bleven over­eind.

De terugkeer naar figuratie betekende voor Van den Toorn geen terugkeer naar de tradi­tie. Het nieuwe denken over figuratie mondde uit in een geestverruimend spel met betekenisver­banden. Niets is wat het opper­vlakkig gezien lijkt te zijn. De beeld­houwer te voeten uit: voor hem is geen enkele beperking steekhoudend of rechts­gel­dig. Alles is gepermitteerd zolang de spiritualiteit en eigen­wijsheid van het beeld daar om vragen.

Op het verkeerde been gezet

Herkenbaarheid is in feite een schijn­vertoning. Bete­kenissen zetten de kijker doelbewust op het ver­keerde been en stellen analytici voor schier onoverko­melijke problemen.

Joost van den Toorn is de beeldhouwer van de dubbele bodems. Hij heeft het tegendraadse denken tot kunst verheven en origi­naliteit opnieuw in de beeldhouwkunst geïntroduceerd. Moeite­loos switcht hij van kunst naar kitsch, van mysterie naar relativeringsvermo­gen en van ernsti­ge religieuze zaken naar een luch­tige ondertoon.

Zijn be­vrijdende aanpak heeft behar­tigenswaar­dige commentaren op de tijdgeest en belang­wekkende kantte­keningen bij de kunst­ge­schiedenis opgeleverd.